Inzake subsidies SKNL

Geacht College,

Naar aanleiding van uw brief d.d. 20-07-2021 en een artikel in de Limburger d.d. 13-09-2021 dat er weer subsidies verstrekt worden via de SKNL, stellen wij hieronder een aantal vragen. De betalingen uit deze regeling zijn in 2018 door het toenmalig college stopgezet vanwege noodzakelijke herijking van de grondslag i.v.m. een mogelijk te groot beroep op de regeling en het risico op gebruik voor “verkeerde” stukken grond, oneigenlijk gebruik dus.

  1. Is het college bekend met het artikel en onderschrijft het college die inhoud?
  2. “het college besloot….. wens van de provinciale politiek”. Wij mogen aannemen dat met dit laatste PS bedoeld is, op welke wijze is er na het aantreden van dit College door PS de wens geuit dat deze regeling hervat moet worden?
  3. In welke debatten is over deze regeling gesproken c.q. is uitgesproken dat hervatting wenselijk is? Acht u uw interpretaties van “verslagen van de gids” (de gids die n.b. niet in staat bleek tot een effectief advies voor een breed gedragen college te komen) de correcte basis voor beleidsaanpassingen?
  4. Is de grondslag van de regeling herijkt zodat bijvoorbeeld het aangegeven “verkeerd” gebruik onmogelijk is? Zo ja, op welke wijze is dit herijkt en waarom is PS niet geïnformeerd over de aanpassingen?
  5. Zijn er maatregelen getroffen die onwenselijke situaties zoals we die bij IKL gezien hebben voorkomen?
  6. Wij zijn zeer benieuwd naar de voorwaarden voor een subsidieregeling “waarmee vooral natuurorganisaties de stikstofproblematiek kunnen aanpakken”. Wordt in deze regeling voor de verstrekking van gelden bijvoorbeeld een onafhankelijk meetbare resultaatverplichting opgenomen? Zo nee, waarom niet?
  7. Waarom is deze regeling VOORAL bestemd voor natuurorganisaties?
  8. De Staten hebben de wens geuit om op participatieve wijze te komen tot een nieuw Statenvoorstel, waarom worden regelingen opengesteld voordat een Statenstuk dat de kaders hiervoor moet stellen gereed en aangenomen is? Op welke wijze past dit in “de nieuwe bestuurscultuur”?
  9. Indien u vraag 7 beantwoordt met een urgentieclaim, kunt u deze claim dan, specifiek voor de provincie Limburg, cijfermatig onderbouwen?
  10. Op welke wijze wordt er rekening gehouden met grensoverschrijdende invloeden vanuit onze buurlanden waar deze crisis niet lijkt te bestaan.

Vertrouwend op een beantwoording van deze vragen binnen de geldende termijn,

Namens de PVV-fractie Limburg

Roger Ernst